donderdag 26 juni 2008

Geheim (3)


Tijdens het fietstochtje naar mijn wekelijkse biodanza-avond gebeurt het, ik verander langzaam in een verlegen persoon. Ik kom schuchter de les binnen, ik gedraag me als een kluns tegenover andere dansers en ik sta met mijn mond vol tanden bij de docent.

Heel anders dan de rest van de week. En toch ga ik iedere dinsdag terug. Verlegen en al.

Vroeger was ik verschrikkelijk verlegen. Het bezoek een hand geven, dat vond ik een regelrechte ramp. Met een knalrood hoofd mompelde ik mijn naam richting mijn voeten. De telefoon was ook erg. Ik dreunde mechanisch het standaardzinnetje: Hallo, u spreekt met JvO, met wie spreek ik? Wat was ik bang voor de mens aan de andere kant van de lijn.

Hoewel? Is verlegenheid hetzelfde als angst? Ik geloof het niet, bij nader inzien. Angst is een emotie, verlegenheid lijkt eerder een onderdeel van iemands karakter. Verlegenheid heeft bovendien altijd te maken met een ander, het bekruipt je nooit als je alleen bent.

Tijdens het dansen heb ik dan ook regelmatig kleine hevige aanvalletjes van intense verlegenheid, die ik langzamerhand ben gaan koesteren. Want waar in deze snelle wereld kan je nou je verlegenheid oefenen? Verlegenheid is langzaam, verlegenheid is inefficiënt, verlegenheid is a-sociaal. Niet bepaald een eigenschap om mee voor de dag te komen. Maar ja, zo is het af en toe. Het contact tussen mensen is inderdaad soms stroef, onhandig en inefficiënt.

Nu ik dat meer durf toe te laten in mijn dagelijks leven, merk ik dat de verlegenheid een enorme kracht in zich herbergt. Het kan een sleutel zijn naar creativiteit. Vanuit onhandigheid tussen twee mensen kan van alles ontstaan. Het ongemak al bij voorbaat overschreeuwen of onder het tapijt moffelen is jammer, want het geeft de subtiele charme van de verlegenheid geen kans.

Bovendien heb ik inmiddels geleerd dat mijn kinderlijke onhandigheid ook altijd weer overgaat. Sta ik het ene moment intens verlegen met een ander te dansen, het volgende moment ben ik volwassen en brutaal. Dromerig. Mannelijk. Vloeibaar. Extravert. Vrouwelijk. Vrolijk. Levenslustig. Eenzaam. Introvert.

Verlegenheid hoort gewoon bij het oneindige spectrum van menselijke mogelijkheden. Ik ben blij dat de verlegenheid terug is in mijn volwassen leven. Hoe klunzig ook, uiteindelijk maakt het me een rijker mens.

http://jeanetvanomme.blogspot.com/2008/01/geheim.html

http://jeanetvanomme.blogspot.com/2008/02/geheim-2.html

dinsdag 24 juni 2008

Monument voor Jacqueline

Jacqueline dood? Jacqueline de B.? Met wie ik zes jaar in de klas heb gezeten op het Schiedamse Stedelijk Gymnasium?

Ja, dood, hoor ik.
Leverkanker, hoor ik.
Godverdomme, denk ik.

Ik zet muziek op: hits uit de jaren zeventig. Queen. Kate Bush. Hotel California. Die plaat had ze, dat weet ik zeker. We zijn terug in feestzaal Tivoli. Daar danst Jacqueline in haar toffe spijkerjackie. Haar lange, witte, steile haar geeft bijna licht in de donkere zaal. Ze lacht. En ze flirt. Want dat kon ze akelig goed, hoor, flirten.

En weg is ze.

zaterdag 21 juni 2008

Over wat ik nog wil schrijven


Dat is nou nog eens titel om te stelen. Trouwens, de omslag mag er ook zijn. Maar helaas, Jean Paul van Bendegem heeft deze titel al in omloop gebracht. En het omslag is al zo oud als de wereld. Het boek heeft tien hoofdstukken, waarin hij tien boeken presenteert. Boeken die in zijn kop zaten en die er nu maar eens uit moesten.

En dat is een raar boek geworden, springend van Sherlock Holmes naar muziek en stripverhalen; van architectuur naar onderwerpen als geloof, humor en erotiek, wiskunde en literatuur.

Een rijk boek ook, vol verwijzingen naar andere boeken, kunstwerken, musea. Inspirerend.

Gul.

Een boek dat past in deze tijd. Want ja, waarom zouden we alle boeken die in ons kop zitten ook daadwerkelijk helemaal uitschrijven? Wat is dat voor een ouderwetse tijdrovende opvatting? Waarom niet alleen ideeën voor boeken lanceren en die in een paar pagina's uitwerken?

Zodat de hongerige lezer weer even voort kan en de overvolle schrijver zijn ballast kwijt is.
Ik vind het wel wat.

(Van Jean Paul van Bendegem weet ik trouwens niet veel meer dan dat hij een chaotische, rijke, gulle gedachtenwereld heeft, dat hij Belg is en hoogleraar filosofie aan de Universiteit van Brussel.)

vrijdag 20 juni 2008

Harde voetballers

En als ik nu toch over voetbal bezig ben, moet me nog iets van het hart.

Als de bondscoach beslist dat na een gewonnen wedstrijd zijn voetbalmannen mogen slapen met hun vrouwen (nou vooruit voor één nachtje om de spanning te ontladen), dan is dat toch je reinste prostitutie? Dan reduceer je zo'n voetbalvrouw toch tot een oproepbare slet? Of ben ik nu opeens overdreven principieel?

(Ik weet niet hoor, maar ik ga toch eens kijken of Opzij al een nieuwe hoofdredactrice heeft.)

donderdag 19 juni 2008

Zachte voetballers

Ja, ik ga een stukje over voetbal schrijven. Sorry, maar het moet. Ik weet niet meer na welke wedstrijd het was. Interesseert me ook niet, eigenlijk. Onze oranjemannen hadden in ieder geval weer gewonnen. Normaal hangen ze dan aan elkaar en trekken dan heel smerig hun eigen bezwete shirtje uit en dat van een ander aan, ze bespringen de coach en daarna elkaar en dat gaat een tijdje zo door. Niets om je over op te winden.

Maat wat gebeurde er nu? Plotseling renden ze als één man naar de tribune. Niet zozeer om hun vrouw te kussen of hun vader een hand te geven, nee om hun kinderen van de schoot van hun vrouw te plukken. Vervolgens paradeerden ze triomfantelijk door het stadion met ieder een kind op de arm. En de Oranjefans keken er verlekkerd en vertederd naar. Die voetballers toch.

Ik was sprakeloos van ergernis. Nu ik het opschrijf voel ik het weer. Dit is erg slecht voor mijn hart. Maar wat ergert me nou precies?

Kinderen als glijmiddel gebruiken, dat is eigenlijk een soort kindermishandeling. Kinderen zijn kinderen. Laat dat zo zijn, maar gebruik ze niet om de ander te vertederen. Zet ze niet in om zelf leuker voor de dag te komen. Misbruik ze niet voor je eigen doeleinden.

Dat is ergernis no. 1.
Ergernis no. 2?

Is het nou een teken van emancipatie dat voetballers met hun kinderen pronken? Of juist niet? Oppervlakkig gezien wel. Kijk ze eens, die stoere voetballers, zojuist stonden ze elkaar nog af te slachten op het veld, en nu. Ach gossie, ze hebben ook een zachte, menselijke kant. Mannen zijn zo kwaad nog niet. En dan kom ik weer uit op ergernis no. 1. Bovendien leidt het me naar ergernis no. 3.

Ergernis 3.
Kunnen vrouwen zo met hun moederschap te voorschijn komen in het openbaar? En zo ja, wanneer dan? Na een wedstrijd? Na een vergadering? Na een cursus? En vinden we dat dan vertederend? En denken we dan: ach gossie? Nee toch. Ik heb er althans nooit wat van gemerkt. Het is op zijn zachtst gezegd riskant. Voor je het weet, word je weggezet als moeder, huisvrouw, zorgzame moeke.

Zal het nou het toppunt van vrouwenemancipatie zijn als moeders na een overwinning (in de sport of op hun werk) met hun kind een triomftocht maken? Moeten we daar naar toe?

En zo tolt het maar door in mijn hoofd en in mijn hart. Help! Ik zie met angst en beven de kwart finale tegemoet.

p.s. Ik heb overigens niks tegen Edwin van der Sar. Hij is een topkeeper. En zijn dochtertje is leuk. En het is fantastisch dat hij zichtbaar van haar houdt.

woensdag 18 juni 2008

Schrijfboeken

Vandaag ontving ik een prachtig pakje van een glimlachende postbode. Wow, wat mooi, riep ik uit. Dat vond hij ook. Geelgroen papier, daaronder een laagje blauw papier, en toen weer hetzelfde geelgroen. Jeetje! Wat is het leuk om een met zorg ingepakt cadeautje weer uit te pakken. Het was gericht aan het Schrijfatelier (dat is mijn werkende ik) en ik had geen idee wat er in zat.

Ze zou al haar schrijfboeken weggooien, schreef ze op haar weblog. Nee! mailde ik haar. Of liever: Ja! Maar als je dat doet gooi ze dan richting Schrijfatelier met zijn schrijfbibliotheek. En dat gebeurde vandaag.

Aanvankelijk begreep ik haar aversie tegen schrijfboeken niet zo goed. Waarom ze eerst in huis halen en ze vervolgens weer weggooien? Ze probeerde het me uit te leggen, maar de metafoor begreep ik ook al niet zo goed. Zij werd ongeduldig, snapte ik dan helemaal niks?

Vandaag zag ik een parallel. Ik deed onlangs iets soortgelijks, toen ik al mijn in de loop der jaren verzamelde dieetboeken het huis uit flikkerde. In de goot met de Sonja Montignacs en hun verzinsels. Lezen over afslanken maakt je namelijk niet slank. Alleen maar ontevreden. Het is heel simpel: van veel fietsen en appels eten word je slank. Of minder dik. Misschien. Als het mee zit.

Van lezen over schrijven, ga je niet beter schrijven. Je wordt er alleen maar ontevreden van. Het is heel simpel: van veel formuleren, schrappen, opnieuw schrijven, overlezen, woorden zoeken - daar ga je beter van schrijven. Of minder slecht. Misschien. Als het mee zit.

(Met dank aan I. en haar schrijfboeken, die hier nu staan te glimmen in de kast. Dank.)

maandag 2 juni 2008

Turks Fruit (1)

'Als ik nu kon schrijven: wij zien de held van deze geschiedenis in dit stadium van zijn mentale crisis, door inkeer en eenzaamheid tot radeloosheid gebracht, zwaar slagzij maken tegen een troostende vrouwenboezem. Kon ik er maar zo ironisch over schrijven. Over mezelf als een held. Dan was ik geen slachtoffer meer van deze geschiedenis en had ik de touwtjes strak in handen. Maar ik zie godverdomme geen held. Ik zie mezelf in al mijn zieligheid. Met krokodilletranen en al. Ik zie mezelf op een feest in een hoek staan tegen een oudere vrouw aangedrukt. En niet zo, dat je denkt, daar wordt gewreven. Duidelijk een verloren-zoon-geval. (62)